Het heeft me heel wat tijd gekost een boek te schrijven over de bemoeienissen en veranderingen die ik op “slechts” 18 jaar lesgeven mee “mocht” maken.
Slotsom van dat van me afschrijven van al die veranderingsdrang, proeftuinen, afschaffen, beperken, planlastverlagen was dat het onderwijs grondig is vastgeroest en de kar der vooruitgang met geen stokken meer in beweging te krijgen is.

Ik hoorde op de diverse VillaPolitica het woord Copernicaans vallen, maar dit sloeg nooit op onderwijsthema’s. Daar deden de frequentie van voorstellen me eerder denken aan een kinderlokkende clown die met ballonnen op de kermis stond, alwaar er af en toe een kleurrijk exemplaar het ruime sop werd gegund om te kijken wie er hoe op reageerde. Brrrr

Doch in plaats van met vele andere wolven wat te gaan zitten huilen in het bos, durf ik het aan om af en toe als prediker de woestijn in te trekken. Maar mijn visie over een ‘omwenteling’ in het huidige middelbaar is zo simpel als ze groot is! Deze werkwijze is in de automobielsector al lang van toepassing!

Ford vond destijds dé manier uit om snel véél wagens te maken: de lopende band. Iedere arbeider was een schakel in het productieproces en specialiseerde zich in het volbrengen van zijn taak. Een fijne en zeer economische manier om hoge productiecijfers te halen. Een ander model impliceert niet meer dan iedere arbeider in te lichten, eventueel wat bij te scholen en enkele mallen aan te passen. De voldoening die iedere arbeider heeft is zijn loon, misschien een beetje de fierheid om de linkerdeur met de 4 stelbouten te hebben geplaatst. Wow..

Volvo paste een ander concept toe! Zij lieten arbeiders toe met de auto mee te groeien van chassis tot afgewerkte auto. De arbeider zag de auto groeien en wist alles van die ene auto; het was dan ook als het ware “zijn” auto. Het productieproces liep gestaag en de zelfcontrole was veel hoger omdat hij moest verder bouwen op zijn eigen verwezenlijkingen. De verbondenheid met die wagen was ook groter en mocht hij deze zien staan op de parking, hij zou er haast nog ieder detail van weten. Nadeel was natuurlijk dat het tempo van afleveren van een product lager lag. Maar de kwaliteit was hoger.

Je zou het nog haast kunnen toepassen op de huidige golf van terugroepingen van diverse types van diverse merken wagens de laatste jaren!

Wat heeft dit economisch gegeven nu in hemelsnaam te maken met het onderwijs.

Welnu, sleutelen wij leerkrachten ook niet aan onze leerlingen? Een maniertje hier, een leerstrategie daar.. Zijn leerkrachten van een eerste graad fier over het eindproduct, liggen ze daar wakker van? Of telt enkel het loon en de rijkelijk toebedeelde vakantiedagen?

Ikzelf zit een beetje in een benijdenswaardige situatie, ik geef een vak van 1 uur, maar heb tal van leerlingen mogen volgen van het tweede tot het vierde middelbaar. Ik ben echt fier en blij als is zie hoe positief leerlingen veranderen kunnen. Ik kan dan niet stoppen met het geven van gemeende complimenten en opmerkingen en geef ze tips en strategieën mee om het later te maken in het leven, liever nog dan ze te laten memoriseren hoeveel landen er in de wereld zijn of welke rivier ze uit het hoofd kunnen situeren. Ik was dan ook wat blij dat mijn directeur me deels volgt in mijn inzicht. Ik krijg de kans dit schooljaar enkele klassen vanaf de start van het middelbaar te volgen. Die kinderen komen vaak uit een warm klasnest van de lagere school en staan voor een belangrijke verandering. Ikzelf kan ze nu begeleiden tot een derde, misschien vierde jaar op onze school! Ik kijk daar echt naar uit, gezien de ervaringen die ik zelf al mocht optekenen.

Maar net mijn inzicht in het maken van die Volvo deed me inzien wat nu een echte onderwijshervorming is!
Zorg ervoor dat de vakleerkracht zijn klas kan volgen van het eerste tot het zesde! Hij is dan als het ware de “productiemanager” van het kind, in uitbreiding klas. De slaagkansen van dat kind na het verlaten van het zesde middelbaar is de beste controle op de werking van de school. Gedaan met het horizontale denken, lang leve de leerlijnen zou je haast denken. Geen pesterijen van de inspectie die als een Russische Inquisitie het bureaucratisch gehalte van ‘de school’ komen meten. Vakcollega’s rijden zich niet meer vast in het oeverloos palaveren om het ene jaar op het andere te laten passen als heterogene lagen.

Zeer concreet zit ik er niets mee in om deze verantwoordelijkheid te dragen voor 3 of 4 klassen over 6 jaar. Ik moet nu maar 22 van de 32 uren ‘werken’. Per klas is dat dan, in mijn geval, 7 uur.
Ik zou dan wel niet meer dan logisch vinden dat ik een jaar of 2 mag professionaliseren in management, leerstoornissen en echte pedagogie ( niet het gegoochel van experimenten met leertechnieken en tactieken ). Ik zou dan net als in Finland haast een prof zijn.
Neen, mijn loon hoeft echt niet te stijgen, wel het vertrouwen en de waardering. Het enige middel om dat te herstellen is…. de vaste benoeming af te schaffen. Pasmunt voor deze heilige graal is een verloning naargelang de resultaten van je leerlingen in het latere leven. Als ik me als volwaardige manager van een klas kan opwerken tot een topmanager ben ik, net als de topman van de NMBS tevreden met een loontje onder dat van de minister-president van Vlaanderen.
Vergeet niet dat ik een vrij belangrijke job uitoefen! Ik ben een van de producenten van de enige grondstof die Vlaanderen rijk is: brains!!

Uw vakleraar aardrijkskunde-informatica, werkzaam bij het Vlaams ministerie van onderwijs.

Advertenties