De laatste lessen van het jaar bieden zich aan. Dan wil je wel eens vooruitblikken op de classroom van de toekomst.

Leerlingen, neem jullie tablet en zoek voor mij die afbeelding die het woord folklore duidelijk maakt ( voor jezelf )

Ik leer ze aan dat het intenser is om de verbeelding aan te spreken en pas daarna teksten te lezen.  Ik illustreer dit altijd met het voorbeelden “pittoresk” en “folklore”. 2 termen die typerend zijn voor het hoofdstuk Toerisme in het tweede middelbaar.
Eerst vraag ik hen of ze ongeveer kunnen uitleggen wat folklore betekend. Daarna vraag ik hen hun tablet* of smartphone** te nemen en het woord in te geven op de beeldbank van Google ( Bing, Yahoo en anderen geven jammer genoeg niet genoeg resultaten ). Nog voor ze mogen kiezen, swipen ze best 1 keer, zodat ze haast automatisch gaan kiezen uit de 8 tot 16 beelden ( afhankelijk van het schermpje ) in plaats van te kiezen voor prentje linksboven. De bedoeling is om bij twijfel de teksten ( wikipedia of encyclopedie ) te lezen en te vergelijken! Past deze foto wel bij m’n tekst?

Voor het voor hen onbekende “pittoresk” ziet het er dan zo uit: 1 2 en 3. Wil je nog een visueel toetje? Gebruik dan synoniemen.net ( tip van een collega met liefde voor het vak Nederlands ). En gebruik hier de grafische weergave. Klopt nu jouw beeld met de uitleg? Mooi zo!

Het is deze techniek die in een later stadium, als hun inwendige beeldbank wat gevuld raakt, volgend dogma verklaard:

Het boek is altijd beter dan de film

* Zolang wij het nobele christelijke dogma nastreven van dat ene schaapje blijf ik er maar van dromen.

** Ook hier weerklinkt het:”Als niet iedereen er kan gebruik van maken, dan niemand!”

Advertenties