Reeds jaar en dag breek ik me het hoofd over een daadkrachtig, motiverend en stimulerend onderwijs. Een hoogtepunt was mijn lezing over ‘level-leren in het secundair’. Niet zozeer het aantal toehoorders, maar vooral de impact die ik had op hen, deed me plezier.

Moraal van het verhaal is dat als je ieder kind in het secundair op gelijke hoogte onderaan plaatst en ze via het behalen van “graden” en “vaardigheden” hun level kunnen verhogen, gaan de sterkere leerlingen snel ‘weer’ op hun niveau zitten en boeren de andere leerlingen rustig op hun niveau verder. Sommigen trachten hun level alsmaar te verhogen en zijn in het 6de middelbaar méér dan universitairsrijp, als dat al een woord mag zijn, anderen zoeken hun weg in die talenten en vaardigheden die én hen interesseren én ze aankunnen.

Dus in plaats van iedereen zo hoog mogelijk te laten starten en als een dooie vis waterval na waterval te laten ‘afglijden’ naar demotivatie, schoolmoeheid en visieloze perspectieven is het beter iedereen onderaan de stroom te zetten en ze op eigen kracht laten op zwemmen tegen de dingen die sowieso op hen afkomen.

 

Advertenties